donderdag 20 juli 2017
K / dagboek 35/ Bucketlist check! Over onze kat...
Een tijdje geleden pende ik onze Bucketlist neer. Zie hier.
Dingen die we deden, doen en nog willen doen om Idas dicht bij ons te houden.
Eén daarvan was een grapje...
Onze kat had enkele jaren geleden klitten en moest toen geschoren worden. Stel dat ze ooit nog eens klitten zou hebben, dan zouden we het overwegen om te vragen om de letter 'i' in haar vacht te laten staan.
En zo geschiedde, tegen alle verwachtingen in.
Onze kat kreeg weer klitten. Het werden dreads. Een coole Bob Marley Kat, maar niet als dat blijft duren. En zo werd onze kat vorig weekend geschoren door één van onze vrienden die dierenarts is (waarvoor dank!).
Zijn staart is het streepje van de 'i' en net daarboven pronkt een bol.
We moeten ze in ere blijven houden, onze kleine helden, vaak met een traan, maar gelukkig soms ook met een lach, dankzij onze kater.
maandag 19 juni 2017
K/ dagboek 34/ Koetjes en kalfjes

Nu we dichter bij jouw 'verjaardag' komen, jouw eerste 'boven-de-wolken-verjaardag' komt er zoveel terug. De maanden dat je zo hevig bewoog in mijn buik. Het aftellen dat je er bijna was. Jouw voor het eerst zien en meteen weer moeten loslaten. Sommige dagen mis ik je harder dan ik je al miste.
Op elke foto is er iemand te kort. Op elke feestdag is er die 'tristesse' dat je er niet bij bent. Op elk blij moment is er de lach die we niet met jou kunnen delen. De vreugde heeft een metgezel, altijd geeft het verdriet hem een hand. Moeder- en vaderdag zonder jou, verjaardagsfeestjes in de tuin en jou niet kunnen vinden tussen alle spelende neefjes en nichtjes. Het zijn voor ons dagen in mineur, dagen waarop we weer eens moedig moeten zijn.
Op sommige vlakken gaat het beter, maar op andere vlakken gaat het moeilijker.
Ik herinner me nog de eerste keer dat we boodschappen gingen doen. Met je kersverse verdriet fruit en groenten wegen, een stap in het gewone leven zetten, aanschuiven aan de kassa en je oogbollen die af en toe naar die kleine baby's en zwangere mama's rollen. Het was hels. We kwamen immers net van het ziekenhuis, ik was bevallen, we hadden Idas voor het eerst en voor het laatst gezien op drie dagen tijd. Maar niemand ziet natuurlijk wat je net hebt meegemaakt. Niemand weet dat je even boodschappen doet tussen alle regelingen van de begrafenis in. Alle prikkels van buiten af, kwamen zo hard binnen. Ik heb een maand geen openbaar vervoer genomen, alle indrukken, alle geluiden waren er teveel aan. Met de auto rijden... ik heb gemerkt dat in de auto stappen met groot verdriet echt geen goed idee is. Ik ben enkele keren duizelig geworden voor het stuur, waardoor ik de auto een periode veilig gemeden heb. Eén keer heb ik het gevoel gehad dat ik toch wel een goede beschermengel moet hebben, toen ik invoegde op een drukke autostrade en een vrachtwagen me dominant voorbijreed tot het laatste streepje invoegstrook verdwenen was. Alle dingen die zo vanzelfsprekend waren, waren dat niet meer. Op dat vlak gaat het beter, ik kan weer gewoon naar de winkel gaan, ik neem weer de metro, ik rij af en toe weer met de auto. We hebben veel opnieuw geleerd na Idas.
Maar jou, Idas, langer en langer missen, wordt moeilijker. Idem met de confrontatie met de omgeving. In het begin krijg je begrip, maar dan ebt het maand na maand weg. Alles wordt weer normaal, het gaat over koetjes en kalfjes en over het weer. Er zijn nog steeds mensen die geen woord over Idas hebben gerept... Hoewel de tijd al een hele tijd lijkt stil te staan, verandert er iets. Je zoekt deze mensen niet meer op. Het verdriet om een kind gaat nooit voorbij. Het wandelt onzichtbaar met je mee. Het verdriet zal altijd bij ons horen. We willen het ook niet kwijt. Want het hoort bij Idas. En we willen hem altijd bij ons. 'Vriendschappen die overeind blijven zijn diegene waarbij je kind mag blijven bestaan'.
Want wat voelt het warm als zijn naam, tussen het praten over koetjes en kalfjes, even valt.
donderdag 4 mei 2017
K/ dagboek 33/ Erkenning en ontkenning
Een hele tijd heb ik me afgevraagd hoeveel kinderen ik nu eigenlijk heb...
Voor de andere ouders aan de schoolpoort ben ik mama van één. Zij hebben me nooit zwanger gezien, aangezien Orson nog maar een paar maanden naar school gaat. Soms zou ik het willen uitschreeuwen dat ik er twee heb.
Sinds kort, twijfel ik niet meer. Ik heb twee kinderen, twee zonen! Wat word ik blij van deze gedachte. Na acht maanden voelde ik eindelijk weer de trots, die ik in het prille begin ook voelde, ik ben wel degelijk mama van twee! Mijn oudste zoon slaapt in zijn bed, mijn jongste tussen de sterren.
En toch... is het soms zo moeilijk om dit uit te drukken of slaat de twijfel weer toe.
Hoe vaak heb ik mensen al niet moeten verbeteren bij de zin 'Er komt vast en zeker wel nog een tweede kindje', waarop ik steevast zeg, 'een derde bedoel je?'.
Op officiële documenten, al is het maar een loon- of belastingsbrief doet het pijn als er maar één kind ten laste staat. Mijn hart is immers vol van twee.
Moest ik iemand horen zeggen dat ik maar één zoon heb, mijn hart zou breken, ik zou vanbinnen zo kwaad en verdrietig worden.
Idas, de maatschappij maakt het ons ook niet makkelijk. Volgens de huidige wetgeving heb jij enkel een voornaam en ben je enkel gestorven. Is er niet één voorwaarde om te sterven? Namelijk dat er leven aan vooraf gaat... Moest je één seconde geademd hebben buiten de baarmoeder, dan had je wel een geboorteakte gekregen. Ouders van een doodgeboren kind, weten maar al te goed dat hun kind leefde. Er waren die heuglijke zwangerschapsmaanden. En na de geboorte hebben we hen gekust, geknuffeld, alle mooie dingen die je normaal gespreid over je hele leven doet, deden wij in enkele momenten. Ze zijn er echt geweest, heel kort, maar net daardoor zo vol van betekenis.
Mijn kleine Idas, je papa en ik zijn niet getrouwd (je mama had altijd het idee dat ze wil trouwen als ze oma is, omdat ik het grappig zou vinden als de kleinkinderen zouden zeggen 'ons bomma gaat trouwen'). In ons trouwboekje zou jij als volgt omschreven staan 'levenloos geboren kind van het mannelijke geslacht met tussen haakjes (Idas). Wat een onpoëtische omschrijving voor zoiets mooi als jij. Iedereen gelijk voor de wet, zou je denken...
De dag dat de wet verandert en we jou officieel een achternaam kunnen geven, de dag dat de maatschappij zegt dat jij wel degelijk ons kind bent, die dag spring ik een gat in de lucht, tot boven de wolken om jou een kus te geven. En ik weet, dat ik niet de enige zal zijn. Misschien wil ik dan wel vroeger trouwen, om vervolgens de hele dag naar jouw voor- en achternaam in dat boekje te staren. De bomma zal dan later wel een ander feestje geven, heel klassiek, een 'jubilé'.
Graag tekenen aub, petitie erkenning doodgeboren baby's
http://petitie.be/petitie/erkenning-doodgeboren-babys
Voor de andere ouders aan de schoolpoort ben ik mama van één. Zij hebben me nooit zwanger gezien, aangezien Orson nog maar een paar maanden naar school gaat. Soms zou ik het willen uitschreeuwen dat ik er twee heb.
Sinds kort, twijfel ik niet meer. Ik heb twee kinderen, twee zonen! Wat word ik blij van deze gedachte. Na acht maanden voelde ik eindelijk weer de trots, die ik in het prille begin ook voelde, ik ben wel degelijk mama van twee! Mijn oudste zoon slaapt in zijn bed, mijn jongste tussen de sterren.
En toch... is het soms zo moeilijk om dit uit te drukken of slaat de twijfel weer toe.
Hoe vaak heb ik mensen al niet moeten verbeteren bij de zin 'Er komt vast en zeker wel nog een tweede kindje', waarop ik steevast zeg, 'een derde bedoel je?'.
Op officiële documenten, al is het maar een loon- of belastingsbrief doet het pijn als er maar één kind ten laste staat. Mijn hart is immers vol van twee.
Moest ik iemand horen zeggen dat ik maar één zoon heb, mijn hart zou breken, ik zou vanbinnen zo kwaad en verdrietig worden.
Idas, de maatschappij maakt het ons ook niet makkelijk. Volgens de huidige wetgeving heb jij enkel een voornaam en ben je enkel gestorven. Is er niet één voorwaarde om te sterven? Namelijk dat er leven aan vooraf gaat... Moest je één seconde geademd hebben buiten de baarmoeder, dan had je wel een geboorteakte gekregen. Ouders van een doodgeboren kind, weten maar al te goed dat hun kind leefde. Er waren die heuglijke zwangerschapsmaanden. En na de geboorte hebben we hen gekust, geknuffeld, alle mooie dingen die je normaal gespreid over je hele leven doet, deden wij in enkele momenten. Ze zijn er echt geweest, heel kort, maar net daardoor zo vol van betekenis.
Mijn kleine Idas, je papa en ik zijn niet getrouwd (je mama had altijd het idee dat ze wil trouwen als ze oma is, omdat ik het grappig zou vinden als de kleinkinderen zouden zeggen 'ons bomma gaat trouwen'). In ons trouwboekje zou jij als volgt omschreven staan 'levenloos geboren kind van het mannelijke geslacht met tussen haakjes (Idas). Wat een onpoëtische omschrijving voor zoiets mooi als jij. Iedereen gelijk voor de wet, zou je denken...
De dag dat de wet verandert en we jou officieel een achternaam kunnen geven, de dag dat de maatschappij zegt dat jij wel degelijk ons kind bent, die dag spring ik een gat in de lucht, tot boven de wolken om jou een kus te geven. En ik weet, dat ik niet de enige zal zijn. Misschien wil ik dan wel vroeger trouwen, om vervolgens de hele dag naar jouw voor- en achternaam in dat boekje te staren. De bomma zal dan later wel een ander feestje geven, heel klassiek, een 'jubilé'.
Graag tekenen aub, petitie erkenning doodgeboren baby's
http://petitie.be/petitie/erkenning-doodgeboren-babys
dinsdag 18 april 2017
K/ Dagboek 32/ Adidas
Daar sta je dan, in de schoenwinkel te twijfelen tussen twee paar schoenen voor Orson.
Puma of Adidas...
We kozen adIDAS!
woensdag 29 maart 2017
K/ dagboek 31/ Licht- en donkerpuntjes
Over lichtpuntjes, een beetje donkerte en een zoekertje voor de meligste regisseur ter wereld.
- Een spuitbus en sjabloon met Idas zijn naam als verjaardagscadeau krijgen.
- Orson die af en toe naar mijn buik wijst en vertederend vraagt of Idas er weer in zit.
- De lente, blauwe lucht, zon en bloesems.
- Fietsen naar mijn therapeute, onderweg even op een bankje gaan zitten en beseffen dat het op dit moment beter gaat.
- Een mailtje krijgen van mijn schoonzus Joke én meter van Idas, die op de luchthaven werkt. Onbegrijpelijke codes lezen, maar wel kunnen opmaken dat ze Idas Jatidjan als testpassagier invult en ontroerd zijn.
- Beseffen dat het lang geleden is dat ik me terug een klein beetje gelukkig kan voelen.
En dan 's avonds, ons eerste oudercontact... de avond viel en ook in ons hoofd werd het donkerder.
- Te horen krijgen dat Orson in de klas een week rond het thema 'baby's zal werken. Er zijn heel veel klasgenootjes van hem die net een broer of een zus kregen. Het lief vinden dat zijn juf vraagt of dit voor ons ok is, maar dit stiekem toch heel moeilijk vinden en hopen dat die week snel voorbij zal zijn. Bezorgd zijn om hem, omdat hij zal ontdekken dat zijn klasgenootjes wél met hun broer of zus kunnen spelen en hij niet.
- 's Nachts dromen dat Lars Von Trier je droom aan het regisseren is en weten dat er een slecht einde zal komen. Ik droomde dat Orson thuis was met een nieuwe babysit die we niet kenden, ik zat in een bus en kon er niet uit, in die droom beseffen dat het niet goed komt, omdat je nu eenmaal weet dat het niet in de aard van Von Trier zit om een happy end te schrijven. Wakker worden en ongelooflijk moe aan de dag beginnen. Ook Jonas droomde onlangs dat Orson van een metershoge trap de diepte in viel....
- Beseffen dat we allebei heel ongerust zijn geworden om Orson te verliezen... Een posttraumatisch kenmerk? Als hij overdag een dutje doet, check ik meermaals of hij nog wel ademt. Ik wil zijn borstkas op en neer zien gaan. Ik hoop dat hij niet door heeft dat we ongeruste ouders zijn geworden en dat we met de tijd weer meer vertrouwen kunnen vinden.
- Orson naar school brengen met de fiets en helemaal overstuur zijn als een gek in een auto ons rakelings voorbij schrijdt. Aan het rode licht, op het raam van diezelfde auto kloppen en boos met vuisten in de lucht in mijn gebrekkig Frans 'Vous pensez que vous êtes le roi?' zeggen (ok half roepen).
- Beslissen dat ik vanavond vroeger moet gaan slapen om het allemaal weer wat lichter te zien, Lars Von Trier als droomregisseur ontslagen. Sinds Idas heb ik immers een zwak voor films, boeken, dromen, kortom een leven met een happy end.
- Net voor ik in slaap val, een denkbeeldig zoekertje plaatsen voor de meligste droomregisseur ter wereld.
- Een spuitbus en sjabloon met Idas zijn naam als verjaardagscadeau krijgen.
- Orson die af en toe naar mijn buik wijst en vertederend vraagt of Idas er weer in zit.
- De lente, blauwe lucht, zon en bloesems.
- Fietsen naar mijn therapeute, onderweg even op een bankje gaan zitten en beseffen dat het op dit moment beter gaat.
- Een mailtje krijgen van mijn schoonzus Joke én meter van Idas, die op de luchthaven werkt. Onbegrijpelijke codes lezen, maar wel kunnen opmaken dat ze Idas Jatidjan als testpassagier invult en ontroerd zijn.
- Beseffen dat het lang geleden is dat ik me terug een klein beetje gelukkig kan voelen.
En dan 's avonds, ons eerste oudercontact... de avond viel en ook in ons hoofd werd het donkerder.
- Te horen krijgen dat Orson in de klas een week rond het thema 'baby's zal werken. Er zijn heel veel klasgenootjes van hem die net een broer of een zus kregen. Het lief vinden dat zijn juf vraagt of dit voor ons ok is, maar dit stiekem toch heel moeilijk vinden en hopen dat die week snel voorbij zal zijn. Bezorgd zijn om hem, omdat hij zal ontdekken dat zijn klasgenootjes wél met hun broer of zus kunnen spelen en hij niet.
- 's Nachts dromen dat Lars Von Trier je droom aan het regisseren is en weten dat er een slecht einde zal komen. Ik droomde dat Orson thuis was met een nieuwe babysit die we niet kenden, ik zat in een bus en kon er niet uit, in die droom beseffen dat het niet goed komt, omdat je nu eenmaal weet dat het niet in de aard van Von Trier zit om een happy end te schrijven. Wakker worden en ongelooflijk moe aan de dag beginnen. Ook Jonas droomde onlangs dat Orson van een metershoge trap de diepte in viel....
- Beseffen dat we allebei heel ongerust zijn geworden om Orson te verliezen... Een posttraumatisch kenmerk? Als hij overdag een dutje doet, check ik meermaals of hij nog wel ademt. Ik wil zijn borstkas op en neer zien gaan. Ik hoop dat hij niet door heeft dat we ongeruste ouders zijn geworden en dat we met de tijd weer meer vertrouwen kunnen vinden.
- Orson naar school brengen met de fiets en helemaal overstuur zijn als een gek in een auto ons rakelings voorbij schrijdt. Aan het rode licht, op het raam van diezelfde auto kloppen en boos met vuisten in de lucht in mijn gebrekkig Frans 'Vous pensez que vous êtes le roi?' zeggen (ok half roepen).
- Beslissen dat ik vanavond vroeger moet gaan slapen om het allemaal weer wat lichter te zien, Lars Von Trier als droomregisseur ontslagen. Sinds Idas heb ik immers een zwak voor films, boeken, dromen, kortom een leven met een happy end.
- Net voor ik in slaap val, een denkbeeldig zoekertje plaatsen voor de meligste droomregisseur ter wereld.
zondag 12 maart 2017
K/ dagboek 30/ Idas' Bucketlist
- Luid je naam roepen in het bos ✓✓✓✓✓
- Je naam onopvallend verstoppen in een illustratie voor een opdrachtgever ✓
- Onze lievelingsletter, de i, wat had je gedacht, op een grote poster laten drukken en midden in de woonkamer hangen ✓
- Een ketting dragen met de i ✓
- Een armbandje dragen met de i (enkel op feestdagen, anders hangt dat bandje, in mijn geval, meteen vol verf en inkt) ✓
- Een tattoo met jouw naam (papa), een tattoo van de letter i (mama)
- Koekjes bakken en je naam erin drukken met stempels ✓
- Pizza bestellen op jouw naam ✓
- Restaurant reserveren op jouw naam ✓✓
- Graffiti van jouw naam ergens onderweg naar de school van Orson
- Graffiti van jouw naam ergens onderweg van Brussel naar Vilvoorde, waar je papa en mama werken
- Gewoon elk jaar jouw verjaardag vieren, een 'boven-de-wolken-verjaardag'
- Je naam schrijven in het zand aan zee (cliché en dan, iets op tegen?) ✓
- Een animatie van jouw naam ✓
- Een boek schrijven en illustreren voor jou
- In onze kat de naam Idas scheren (al betwijfel ik dat dit zal lukken, tenzij hij ooit nog eens klitten heeft en geschoren moet worden van de dierenarts!)
- Simpelweg je naam noemen, als mensen vragen hoeveel kinderen we hebben (hier mogen eindeloos veel 'checkjes' komen te staan') ✓✓
- Het gras maaien in de tuin van mijn moeder en grassprieten in de vorm van jouw naam laten staan
- Orson jouw naam leren plassen (twijfel, is dit educatief wel verantwoord?)
- Met potlood jouw naam in een boek van de bib schrijven op een willekeurige pagina, de gedachte dat iemand ooit jouw naam leest, vind ik troostend (sorry bib, het is éénmalig en het was met potlood) ✓
- Geld inzamelen voor 'Met lege handen' en 'Boven de wolken', twee fantastische initiatieven die ik door Idas heb leren kennen
- Over jou blijven praten, jou nooit, maar dan ook nooit doodzwijgen ✓
- Een cd laten signeren voor jou (✓Efterklang and the happy hopeless orchestra)
- Kousen laten borduren met jouw naam op ✓
zondag 12 februari 2017
K / dagboek 29 / Small talk
Hebt u kinderen?
Een banale vraag.
Ik moet antwoorden.
'Ja, zeg ik'.
Hoeveel?
Ik krijg het niet over mijn lippen om één te zeggen, dat kan ik niet, het is geen optie.
'Twee' antwoord ik. Ik hoop stiekem dat het hier stopt. Dat had gekund. Toevallig loopt een oude bekende voorbij. Het gesprek wordt onderbroken.
Ik richt me weer tot de man naast mij, we hebben net vergaderd over een project
en omdat we dezelfde richting uitstappen volgt nog wat small talk achteraf.
Alleen is 'small talk' geen 'small talk' meer als je je kind bent verloren.
Hoe oud zijn ze?
Ik twijfel, ik kan toch moeilijk wat verzinnen...
'Mijn oudste zoon is twee en een half, begin ik, hij gaat net naar school. En onze jongste zoon... is helaas gestorven'.
Ik heb het gezegd, het is eruit.
Hij excuseert zich. Ik zeg dat dat niet nodig is, maar dat ik hem onmogelijk kan doodzwijgen, dat hij er bij hoort, maar dan op een andere manier. De man die zoveel babbelde is plots heel stil en laat de achterkant van zijn ego zien. De eerste zinnen daarstraks gingen over zijn doctoraat, zijn job en dat hij vaak met bekende mensen samenwerkt,... Eerlijk? Dat interesseert me niet, ik heb mensen liever kwetsbaar en had meteen het gevoel dat ik door een enorme façade heen moest kijken. Nu vertelt hij over de weken dat zijn zoon voor zijn leven vocht en het (gelukkig) goed kwam. Hij zegt dat hij het wel begrijpt.
Het is lief dat mensen dat zeggen. Maar begrijpen? Ik denk het niet.
Het grote verschil is dat inleven slechts een paar seconden duurt, hooguit minuten. En dan stopt het. Dan is het inleven al afgelopen. Het gaat erom dat ik me niet inleef. Ik leef met het verlies van een kind. Geen seconden, geen minuten, maar altijd. Een verschil van dag en nacht. Misschien lijkt het nu dat ik tegen medeleven ben, dat is helemaal niet zo. Ik omarm het. Ik heb het nodig (want gesprekken waar je kind wordt doodgezwegen als je net vertelt dat hij gestorven is, ken ik helaas ook). Maar ik zeg je wel, en dat geldt ook voor mij, dat we door ons in te leven, nog niet weten hoe het echt voor iemand anders is.
Zo besefte ik ook gisteren wat voor een geluk ik, in de ogen van sommige mensen ook wel niet moet hebben. Dat ik reeds heb, waar zij, bescheiden, al jarenlang naar verlangen. Een kind om voor te zorgen. Ik besef dat ik geluk heb om naast het intense verdriet, een opgroeiende kleuter in huis te hebben. Hij zorgt voor troost naast het onbeschrijflijk grote gemis van zijn babybroertje. Door Orson was ik al een zichtbare mama. Mijn twee zonen vertellen elk een ander verhaal. Ik beleef twee grote thema's samen. Verdriet en geluk. Ik wens het ouders, die hun eerste kind missen, heel hard toe, dat naast het verdriet ook gauw Geluk met een hoofdletter mag staan. Alle mensen die in het ivf-circuit zijn geraakt, die wachten en wachten... ik kan me alleen maar inleven, maar weet zelf niet wat het is. Het liefst wou ik dat er een eerlijk systeem bestond. Alle mensen die een kind willen steken hun hand omhoog en het geluk wordt netjes verdeeld. Zoals we vroeger onze koekjes leerden delen. Als iedereen één koekje heeft, krijg je pas een tweede enzovoort. Het zou het allemaal net iets draaglijker maken.
Ik mis het wel, de tijd dat simpele vragen nog simpel waren.
Dat mijn hart vanbinnen niet hard tekeer ging bij de vraag 'Heb je kinderen?'
'Toen small talk nog échte small talk was.
Abonneren op:
Posts (Atom)


